| |
Ballenkinderen: jonge professionals langs de lijn
Het is hun missie om efficiënt, stil en onzichtbaar te zijn, maar deze keer worden juist zij in de spotlights gezet: de ballenkinderen en hun toegewijde trainers.
Door Lieselotte Hoegee
Geen enkel zichzelf respecterend toernooi kan nog zonder en veel jonge tennissers benijden ze: de officieel aangestelde ballenrapers . Het mag voor zich spreken dat Thermphos Challenger Zeeland geen uitzondering wil zijn. Vorig jaar is de organisatie al gestart met het inzetten van ballenkinderen voor de finalewedstrijden, en ook dit jaar wordt een sterk team van jeugdige tennistalenten geselecteerd.
Je hoeft geen tennisdeskundige te zijn om te begrijpen dat niet zomaar iedereen in aanmerking komt voor deze uiterst belangrijke taak. MLTC jeugdtrainer Remco Maandag en stagiair Jeroen van den Berg(e) zijn de drijvende krachten achter het jonge team en zijn bereid een boekje open te doen over het organisatieproces.
Gelijke kansen
Het toernooi wordt georganiseerd op de banen van MLTC, dus is het niet meer dan logisch dat de MLTC-jeugdleden bovenaan de lijst staan. Aangezien er bij de club geen gebrek is aan enthousiaste jonge tennissers, kost het Remco en Jeroen geen enkele moeite om geschikte kandidaten te vinden.
Alle ballenkinderen worden geselecteerd op vrijwillige basis en ieder kind komt in aanmerking. "Alle kinderen die trainen bij MLTC maken een kans om uitgekozen te worden", legt Remco uit. "Het valt ons echter wel op dat met name de kinderen die ook meedoen in de competitie zich aanmelden." "We verwachten natuurlijk wel van de kinderen dat ze een bepaalde basiskennis hebben", voegt Jeroen toe. "Daarom zijn de meeste kids die we uitkiezen niet heel erg jong; zo tussen de 11 en 15 jaar oud."
Motivatie vereist
De kinderen zijn zich er terdege van bewust dat ballenjongen of –meisje zijn echt niet alleen voor de lol is. Bovendien is het ook niet alleen een klus in het finaleweekend. In de rest van de toernooiweek moeten ze ook hun handen uit de mouwen steken. Sterker nog, er wordt van hen verwacht dat ze nog allerlei andere nuttige taken uitvoeren. “Je moet het ballenrapen tijdens de finale eigenlijk meer zien als een soort beloning voor het harde werk de rest van de week”, vertelt Remco.
Het complete team bestaat uit zo'n 25 tot 30 kinderen die er allereerst voor moeten zorgen dat de banen worden geveegd na afloop van de wedstrijden. Gedurende de toernooiweek krijgt het hele team een korte crash cursus. Uiteindelijk worden er 24 kinderen geselecteerd die daadwerkelijk de ballen mogen rapen tijdens de finales.
Altijd de bal in het oog
In de korte cursus moeten de aspirant ballenkinders aantonen dat ze de klus aankunnen. Het belangrijkste is, dat ze precies leren hoe ze de ballen naar elkaar moeten overrollen en hoe ze ze vervolgens aan de spelers moeten overdragen. “Dit moet je niet onderschatten”, legt Remco uit. “Er kijken meer dan 500 mensen mee; de kinderen werken onder een constante druk en moeten zich onder die stressvolle omstandigheden toch voor een behoorlijk lange tijd concentreren.”
Voor één wedstrijd zijn twee teams nodig, die halverwege de wedstrijd wisselen. Er zijn altijd 6 kinderen op de baan: twee aan het net en vier achter de baseline. De kinderen aan het net moeten alle in het net geslagen ballen ophalen en langs de zijkant van de baan naar de kinderen aan de baseline rollen. Deze kinderen staan in de hoeken van de baan. Hun taak is de ballen van de kinderen aan het net te ontvangen en deze op het juiste moment aan de serverende speler te geven.
De techniek voor het overdragen van de ballen verschilt per toernooi. Jeroen licht dit toe: “Wij leren de kinderen de ballen over de grond te rollen, zoals men dat doet bij de meeste grote toernooien. De US Open heeft echter een traditie met honkbalspelers die de ballen naar elkaar toegooien. Dit ziet er natuurlijk geweldig uit, maar het is wel heel erg moeilijk.”
Een hele gave ervaring
De ballenkinderen van vorig jaar zijn louter positief over hun ervaringen. Lotte Aartsen (12), vorig jaar ballenmeisje, begint letterlijk te stralen als ze vertelt over de drie topspelers die vorig jaar tijdens het toernooi bij haar thuis hebben gelogeerd. Ook Eva Boogaard (12) kan haar enthousiasme nauwelijks verbergen. Zij heeft vooral erg genoten van de speciale tennisclinic die vorig jaar georganiseerd was voor de ballenkinderen. Deze werd gegeven door Angelique van der Meet en Bernice van de Velde – twee Zeeuwse toptennissers. Wanneer de voormalige ballenkinderen wordt gevraagd naar hun verdere aspiraties, blijkt nog maar weer eens hun grote enthousiasme en gedrevenheid. Wat “ultieme balraap-toernooien” betreft, zijn de Australian Open en Wimbledon bij vele verreweg favoriet. Bodine Tange (11) zou eigenlijk wel graag ballenmeisje zijn op het ABN AMRO toernooi in Rotterdam, wat misschien niet eens een vreselijk onrealistische wens is. Iemand bereid een goed woordje te doen voor deze ambitieuze jonge tennisster?
|
Platina partners:





















|
|